preparé

1. fijn gemalen rauw mager rundvlees dat met kruiden en andere toevoegingen tot een smeuïg geheel is gemaakt

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pre·pa·ré
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord preparé -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

preparé m

  1. (kookkunst) fijn gemalen rauw mager rundvlees dat met kruiden en andere toevoegingen tot een smeuïg geheel is gemaakt, wordt als gerecht of als broodbeleg gegeten
    • De houdbaarheid van een potje preparé is afhankelijk van de bereidingswijze. Het recept van preparé is nagenoeg altijd hetzelfde, zowel bij de slager als bij de supermarkt zitten er dezelfde ingrediënten in. Preparé uit de supermarkt die lang vers blijft, wordt in hyper steriele omstandigheden bereid. [1]
Synoniemen

Gangbaarheid

60 % van de Nederlanders;
91 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
preparar

preparé

  1. eerste persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito indefinido) van preparar