pedagogie

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pe·da·go·gie
Woordherkomst en -opbouw
  • Via het Laatlatijn of het Frans ontleend aan het Oudgriekse παιδαγωγία (paidagōgía; "opvoeding"); op te vatten als afgeleid van pedagoog met het achtervoegsel -ie [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord pedagogie [2]: pedagogieën
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

pedagogie v

  1. leer van de opvoeding
  2. (België) (verouderd) gebouw waar studenten wonen en onderwijs krijgen
    • De Valk was strikt genomen geen college maar een pedagogie. Daar waar een college enkel huisvesting voor studenten aanbood, werd in een pedagogie ook gedoceerd. In de vier pedagogieën die het universitaire Leuven rijk was tijdens het ancien regime (…) werden vakken van de artes liberales onderwezen. [2]
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen