huiself

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • huis·elf
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord huiself huiselven
verkleinwoord huiselfje huiselfjes

Zelfstandig naamwoord

huiself v/m

  1. (figuurlijk) slaaf in de huishouding uit de Harry Potter serie van J.K. Rowling
     Maar ineens was hij daar: de helper whitey, een term uit The Daily Show van (toen nog) John Stewart, een witte man van rond de vijftig jaar. Ik moest denken aan een grappig klein ventje. Wiplala, Harry Potters huiself Dobby, misschien een wat pipse Oempa Loempa.[1]

Gangbaarheid

Meer informatie

66 % van de Nederlanders;
60 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Lisa Bouyeure “Thanks, helper blacky!” (13/11/2015), HP de Tijd
  2.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be