Hotel de Houten Lepel

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • Ho·tel de Hou·ten Le·pel
Woordherkomst en -opbouw
  • Bargoens, verwijzing naar het houten bestek dat gedetineerden kregen bij het eten, in de betekenis van ‘gevangenis’ voor het eerst aangetroffen in 1902 (zie de vindplaats hieronder) [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord Hotel de Houten Lepel -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

Hotel de Houten Lepel o

  1. (schertsend) (informeel) gevangenis
     Kan jij matten vlechten? Nee? Nou, ik wel. In Hotel de Houten Lepel geleerd.[2]
     Wel, het blijkt uiteindelijk geen bloedmooie blondine te zijn. Het parket van Brussel geeft de identiteit vooralsnog niet vrij, maar het zou om een ‘jonge man uit Brussel’ gaan. Hij deed het niet voor het geld, maar wel uit lust. “Het ging mij enkel om de seksuele opwinding. Ik kick op mooie mannen”, zou hij verklaard hebben. Hij zou ook met een identiteitscrisis kampen. De jongeman mag voorlopig in ‘Hotel den Houten Lepel’ blijven logeren.[3]
      Een hotel, waar tal van Hagenaars tot hun geluk nooit gelogeerd hebben, mocht zich heden in het bezoek verheugen van .... ja misschien wel twee, drieduizend belangstellenden! Wij bedoelen het groote Huis van Bewaring aan de Prinsegracht, in den volksmond, „Hotel den Houten Lepel" genoemd.[4]
Schrijfwijzen
  • Hotel den Houten Lepel (pseudo-ouderwetse vorm, vermoedelijk schertsend bedoeld; de naamvalsvorm "den" zou alleen na een voorzetsel op haar plaats zijn)
Synoniemen
Verwante begrippen

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Ton den Boon “Hotel de Gouden Lepel is in werkelijkheid meestal Hotel de Houten Lepel” (20 oktober 2018) op trouw.nl
  2.   Weblink bron Herman de Man   “Omnibus : Een stoombootje in de mist.” (1954), Arbeiderspers, Amsterdam, p. 207
  3.   Weblink bron “Eveline komt uit de kast: “Ik kick op mooie mannen”” (7 oktober 2020)
  4.   Weblink bron Gemengd Nieuws in: De grondwet   (17 augustus 1902), J. Van Poll-Suykerbuyk, Roosendaal, p. 5