0 0 1 0
десять,
op een abacus


Telwoord (Oekraïens)
0 1 2 3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26 27 28 29
30 31 32 33 34 35 36 37 38 39
40 41 42 43 44 45 46 47 48 49
50 51 52 53 54 55 56 57 58 59
60 61 62 63 64 65 66 67 68 69
70 71 72 73 74 75 76 77 78 79
80 81 82 83 84 85 86 87 88 89
90 91 92 93 94 95 96 97 98 99
100 200 300 400 500 600 700 800 900 1000
106 109 1012 1015 1018 1021 1024 1027 1030 1033
1036 1039 1042 1045 1048 1051 1054 1057 1060 1063
1066 1069 1072 1075 1099 10100 10120 10303 103003


  • IPA: [ˈdɛsʲɐc]

десять

  1. tien


       
0 0 1 0
десять,
op een abacus


Telwoord (Russisch)
0 1 2 3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26 27 28 29
30 31 32 33 34 35 36 37 38 39
40 41 42 43 44 45 46 47 48 49
50 51 52 53 54 55 56 57 58 59
60 61 62 63 64 65 66 67 68 69
70 71 72 73 74 75 76 77 78 79
80 81 82 83 84 85 86 87 88 89
90 91 92 93 94 95 96 97 98 99
100 200 300 400 500 600 700 800 900 1000
106 109 1012 1015 1018 1021 1024 1027 1030 1033
1036 1039 1042 1045 1048 1051 1054 1057 1060 1063
1066 1069 1072 1075 1099 10100 10120 10303 103003

десять

  1. tien
  1. In de nominatief en accusatief wordt десять gevolgd door de genitief mv.
    «Десять лет назад.»
    Tien jaar geleden.
  2. In andere naamvallen volgt de desbetreffende naamval in het meervoud.
    «Если мы обратимся к десяти людям с вопросом назвать ядовитое существо, то вероятнее всего они назовут змей, скорпионов и пауков.»
    Als we ons tot tien mensen wenden met de vraag een giftige stof te noemen, dan is het het waarschijnlijkst dat ze slangen, schorpioenen en spinnen zullen noemen.