voedselpakket

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • voed·sel·pak·ket
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord voedselpakket voedselpakketten
verkleinwoord voedselpakketje voedselpakketjes

Zelfstandig naamwoord

voedselpakket o [1]

  1. zak of doos met verschillende levensmiddelen
     "Sommige woningen hadden om twee uur 's nachts nog geen eten bezorgd gekregen", zegt een van de flatbewoners tegen The Guardian. Toen de voedselpakketten er eindelijk waren, bleek er van alles te ontbreken. Ook zaten er etenswaren tussen die al lang over datum waren, zegt een bewoner tegen de lokale zender 7news.[2]
     Mexico is een van de zwaarst getroffen landen in Latijns-Amerika. Veel inwoners vinden dat de regering te weinig voor hen doet. Drugskartels komen nu met een charmeoffensief en delen voedselpakketten uit.[3]
Vertalingen

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2.   Weblink bron “Australië sluit grens tussen deelstaten na nieuwe coronapiek” (MA 6 JULI 2020), NOS
  3.   Weblink bron “WHO meldt recordaantal nieuwe besmettingen • Netanyahu belooft coronasteun na protest” (ZO 12 JULI 2020), NOS