tracker

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • trac·ker
Woordherkomst en -opbouw
  • van het Engels
enkelvoud meervoud
naamwoord tracker trackers
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

tracker

  1. (financieel) een passief beheerd beleggingsfonds dat op de beurs verhandeld wordt en waarvan het investeringsdoel is het zo nauwkeurig mogelijk volgen van een onderliggende beursindex
Synoniemen

Meer informatie

Gangbaarheid