toeslaan

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • toe·slaan
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
toeslaan
sloeg toe
toegeslagen
klasse 6 volledig

Werkwoord

toeslaan

  1. een onverwachte gebeurtenis die plaatsvindt met onprettige gevolgen
    • Het water sloeg toe en spoelde het dorp weg. 
  2. de kans grijpen
    • Hij moest op het juiste moment toeslaan om te winnen. 
  3. aanvallen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be