kindermisbruiker


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kin·der·mis·brui·ker
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kindermisbruiker kindermisbruikers
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

kindermisbruiker m

  1. persoon die kinderen jonger dan 13 seksueel misbruikt of heeft misbruikt
     De voetballers denken dat er nog honderden andere slachtoffers zijn. "BBC-coryfee en kindermisbruiker Jimmy Savile lijkt een koorknaap in vergelijking met Bennell."[1]
     Een voormalig BBC-medewerker heeft 13 jaar cel gekregen wegens kindermisbruik. Chris Denning (75) heeft bekend dat hij zeker eenentwintig kinderen heeft misbruikt tussen 1969 en 1986. Elf van de jongens waren 8 jaar, meldt de BBC.[2]

Gangbaarheid

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron “Engelse voetballer: ik ben vijftig tot honderd keer verkracht” (25-11-2016,), NOS
  2.   Weblink bron “Nog 13 jaar erbij voor BBC-kindermisbruiker in cel” (07-10-2016), NOS