heerban

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • heer·ban
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord heerban
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

heerban m [1]

  1. (militair) (historisch) in de middeleeuwen het recht van de landsheer om weerbare mannen op te roepen voor de heervaart
Verwante begrippen

Gangbaarheid

15 % van de Nederlanders;
17 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen