geschat

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·schat
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van schatten: de stam met omvoegsel ge- -t, zonder -t omdat de stam al op -t eindigt

Werkwoord

vervoeging van: schatten…
verbogen vorm: geschatte

geschat

  1. voltooid deelwoord van schatten
stellend
onverbogen geschat
verbogen geschatte
partitief geschats

Bijvoeglijk naamwoord

geschat

  1. geraamd, ongeveer verwacht
  2. gewaardeerd (drukt een positief oordeel uit)

Gangbaarheid