gemeten

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·me·ten
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen gemeten
verbogen gemeten

Bijvoeglijk naamwoord

gemeten

  1. door vergelijking met een ijkwaarde numeriek bepaald
    • De gemeten waarde is duidelijk groter dan wat de theorie voorspelt. 
Antoniemen

Werkwoord

vervoeging van: meten…
geen verbogen vorm

gemeten

  1. voltooid deelwoord van meten

Zelfstandig naamwoord

gemeten mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord gemet

Gangbaarheid