eronder

Nederlands

 
ramen met eronder kunstig metselwerk
Uitspraak
Woordafbreking
  • er·on·der
Woordherkomst en -opbouw
  vnw. bijw.
  voorzetselbijwoord     onder  
 persoonlijk     eronder  
aanwijz.   nabij     hieronder  
  veraf     daaronder  
  vragend/betrekk.     waaronder  

Voornaamwoordelijk bijwoord

(scheidbaar)
eronder

  1. vervangt *onder het
    • We zetten een streep eronder. 
     Daar stonden ze voor de garage, zij tussen Mutti en vader in, op het erf eronder wachtte de hele familie met Noorse, Duitse en Zweedse vlaggen in hun handen, ze was de eerste Zweedse studente van de familie.[1]
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Jan Guillou (vert. Bart Kraamer) “Kop in het zand” (2015), Uitgeverij Prometheus, ISBN 9789044628142
  2.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be