zadeltas

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • za·del·tas
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zadeltas zadeltassen
verkleinwoord zadeltasje zadeltasjes

Zelfstandig naamwoord

zadeltas v/m

  1. een tas die aan het zadel van een paard aangehangen wordt
    • Zo'n zadeltas is handig als je een wat langere rit maakt. 
  2. een tas die aan het zadel van een fiets aangebracht wordt
  3. een tas die middels een riem nauw om schouder en middel van de ruiter gehangen wordt

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be