wurggreep

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wurg·greep
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord wurggreep wurggrepen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

wurggreep m

  1. een greep die iemand zou kunnen verstikt bij doorzetten
    • In januari begonnen de vier nóg een campagne. Op de website useofforceproject.org brachten ze politieregels in kaart die het gebruik van geweld terugdringen, en onderzochten waar die gebruikt worden. Zo blijkt dat een derde van 91 korpsen in grote steden agenten verplicht andere opties uit te putten alvorens een wapen te trekken, en verbieden 21 korpsen het soort wurggrepen waaraan Eric Garner in New York overleed. [1] 
  2. iemand heel sterk onder controle hebben of juist heel erg afhankelijk van iemand worden
    • Documenten van Football Leaks tonen hoe FC Twente in een wurggreep raakte van investeringsmaatschappij Doyen. Dat pakte slecht uit. [2] 
     De Sardijn ontsnapt op 2,4 kilometer van de finish aan de wurggreep van Team Sky. Maar de verwachting dat hij het Froome in de Tour wel eens moeilijk zou kunnen maken, komt niet uit.[3]
Synoniemen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[4]

Verwijzingen

  1. NRC Maartje Somers 22 september 2016
  2. NRC Merijn Rengers Hanneke Chin-A-Fo Hugo Logtenberg 16 december 2016
  3.   Weblink bron Rob Gollin “De helling van de mooie meisjes knijpt de renner de keel dicht” (10 juli 2019), de Volkskrant
  4.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be