vijfhonderdenvijfenzestig

Nederlands

       
0 5 6 5
vijfhonderdenvijfenzestig,
op een abacus
Uitspraak
Woordafbreking
  • vijf·hon·derd·en·vijf·en·zes·tig
Woordherkomst en -opbouw

Hoofdtelwoord

vijfhonderdenvijfenzestig

  1. "565", langere vorm van vijfhonderdvijfenzestig, vijfhonderd plus vijfenzestig
    1. om een hoeveelheid aan te geven
      • De inzameling heeft vijfhonderdenvijfenzestig euro en vijftig cent opgebracht. 
    2. om een plaats in een volgorde aan te geven
      • De hoofdprijs van de verloting valt op lot vijfhonderdenvijfenzestig. 
Synoniemen
Afgeleide begrippen

rangtelwoord

hooftelwoord samengesteld met "vijfhonderdenvijfenzestig" ht als linkerdeel

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1.   Weblink bron W. Haeseryn e.a. “7.2.1.1 Bepaalde hoofdtelwoorden, onder 2” (januari 2019) op e-ans.ivdnt.org (Algemene Nederlandse Spraakkunst)
  2.   Weblink bron “Tweeduizend zes / tweeduizend en zes” op taaladvies.net (Nederlandse Taalunie)