motorkap

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mo·tor·kap
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord motorkap motorkappen
verkleinwoord motorkapje motorkapjes

Zelfstandig naamwoord

motorkap v / m

  1. (techniek) scharnierbaar deel van de carrosserie van een auto waaronder zich de motor bevindt
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be