misvormen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mis·vor·men
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
misvormen
misvormde
misvormd
zwak -d volledig

Werkwoord

misvormen

  1. overgankelijk de natuurlijke vorm van het lichaam blijvend beschadigen
    • Het ongeluk en de brand die erdoor ontstond misvormden hem ernstig. 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be