meldpunt

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • meld·punt
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord meldpunt meldpunten
verkleinwoord meldpuntje meldpuntjes

Zelfstandig naamwoord

meldpunt o

  1. instantie waar men iets kan melden

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen