ijsregen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ijs·re·gen
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord ijsregen ijsregens
verkleinwoord ijsregentje ijsregentjes

Zelfstandig naamwoord

ijsregen m

  1. (meteorologie) neerslag in de vorm van onderkoelde regendruppels die tijdens hun val naar beneden bevriezen tot ijskogeltjes.

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
89 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be