fijnmalen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fijn·ma·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
fijnmalen
maalde fijn
fijngemalen
zwak -d

gemengd

volledig

Werkwoord

fijnmalen

  1. overgankelijk in heel kleine stukjes maken door te malen
    • De molenaar maalde het graan fijn tot meel. 

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be