confabulatie

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·fa·bu·la·tie
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord confabulatie confabulaties
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

confabulatie v [1]

  1. (psychologie) vormsel van de fantasie, verdichtsel, verzinsel
    • Wat zou de meest voorkomende geestesziekte zijn die een dergelijke confabulatie kan geven? 
Vertalingen

Gangbaarheid

Meer informatie

Verwijzingen