Vaticaan

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • Va·ti·caan
Woordherkomst en -opbouw
  • van Latijn Vaticanus, heuvel aan de Tiber tegenover het klassieke Rome, waarop het paleis van de paus staat

Eigennaam

Vaticaan o

  1. de pauselijke residentie en centrum van het rooms-katholieke geestelijk gezag
    • met hulp van het Vaticaan konden in 1945 nazi-oorlogsmisdadigers naar Argentinië ontsnappen 
Schrijfwijzen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

Meer informatie

Verwijzingen