geëxperimenteer

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·ëx·pe·ri·men·teer
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord geëxperimenteer
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

geëxperimenteer o

  1. het steeds nieuwe dingen proefondervindelijk testen en zo ontdekken hoe iets werkt
     Ze was als rebelse tiener al op haar 16e van huis gegaan en had, met veel geëxperimenteer, geleerd op haar eigen benen te staan.[1]
  2. (pejoratief) het aanhoudend klungelen zonder zich aan de regels te houden
     Laten we de spelregels vrij, dan is dat het einde van de topsport. Wat is dan nog de waarde van een prestatie of die glorieuze overwinning? Vrij dopinggebruik werkt geëxperimenteer in de hand, met mogelijk levensgevaarlijke situaties als gevolg.[2]

Gangbaarheid

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers  
  2.   Weblink bron “Columns & scoringsdrang” (21-11-2017), Tubantia