blootgeven

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bloot·ge·ven
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
blootgeven
gaf bloot
blootgegeven
klasse 5 volledig

Werkwoord

blootgeven

  1. dingen eerlijk laten zien die anders verborgen zouden blijven
    • - De verlegen man gaf zichzelf nooit bloot en werd daaromvonden zijn medestudenten hem achterbaks. 
    • - De handige zakenman gaf zijn echte plannen nooit bloot. 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be