Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zocht uit
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
uitzoeken

zocht uit

  1. enkelvoud verleden tijd van uitzoeken
    • Ik zocht uit. 
    • Jij zocht uit. 
    • Hij, zij, het zocht uit. 


Gangbaarheid