• toe·de·loe
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘tussenwerpsel: afscheidsgroet’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1991 [1]

toedeloe

  1. (informeel) een begroeting of afscheidsgroet
    • "Haar nicht draaide zich boven aan de trap om, riep: 'Toedeloe!' naar de dienstbode van de eerste verdieping, en toen klommen ze in het bijna donker nog een trap op." [2]