stelde gerust

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stel·de ge·rust
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
geruststellen

stelde gerust

  1. enkelvoud verleden tijd van geruststellen
    • Ik stelde gerust. 
    • Jij stelde gerust. 
    • Hij, zij, het stelde gerust. 


Gangbaarheid