ontratten

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ont·rat·ten
Woordherkomst en -opbouw
  • afleiding van rat met het voorvoegsel ont-

Werkwoord

ontratten

stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
ontratten
ontratte
ontrat
zwak -t volledig
  1. bestrijden van ratten

Gangbaarheid

37 % van de Nederlanders;
51 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be