onderbrengen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·der·bren·gen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
onderbrengen
bracht onder
ondergebracht
zwak -cht volledig

Werkwoord

onderbrengen

  1. overgankelijk voor een onderkomen zorgen
    • Zij werden ondergebracht in een ander hotel. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be