noordoostgevel
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- noord·oost·ge·vel
Woordherkomst en -opbouw
- samenstelling van noordoost en gevel
enkelvoud | meervoud | |
---|---|---|
naamwoord | noordoostgevel | noordoostgevels |
verkleinwoord | noordoostgeveltje | noordoostgeveltjes |
Zelfstandig naamwoord
noordoostgevel m
- de gevel aan de noordoostzijde van het gebouw.
- In de noordoostgevel bevindt zich de ingang.
Verwante begrippen
Gangbaarheid
- Het woord 'noordoostgevel' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.