Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • di·no
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dino dino's
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

dino m

  1. (afkorting) (reptielen) dinosaurus
    • Na de film Jurassic Park werden dinosauriërs zo populair dat het woord dino ingang vond als verkorting voor de wetenschappelijke naam. 

Gangbaarheid

92 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen