bovenkomen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bo·ven·ko·men
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
bovenkomen
kwam boven
bovengekomen
klasse 4 volledig

Werkwoord

bovenkomen

  1. ergatief uit onderdompeling tevoorschijn komen
    • De duikers kwamen boven met een aantal amforen. 
  2. ergatief overdrachtelijk tevoorschijn komen
    • Wat daarna bovenkwam in dat onderzoek bezegelde zijn lot. 
     Was Harald ronduit slecht, een duivel in mensengedaante die je zijn eigen ondergang tegemoet moest laten gaan? Een gruwelijke gedachte, maar als je je gedachten de vrije loop liet kon er van alles bovenkomen.[1]


Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
94 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Jan Guillou (vert. Bart Kraamer) “Tussen rood en zwart” (2014), Uitgeverij Prometheus, ISBN 9789044625691
  2.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be