stukvallen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stuk·val·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
stukvallen
viel stuk
stukgevallen
klasse 7 volledig

Werkwoord

stukvallen

  1. ergatief gebroken geraken als gevolg van een val
     Is de kroon bij de velling stukgevallen, dan worden de gebroken deelen aan elkaar gepast en men meet daarna de lengte. Is de kroon zóó erg stukgevallen, dat een aan elkaar passen niet meer mogelijk is, dan wordt de lengte zoo goed mogelijk geschat in halve meters, Ook dit wordt in het formulier genoteerd.[1]

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1.   Weblink bron “Tectona; Uitgave der Vereeniging van Ambtenaren Bij het Boschwezen in Ned. O. Indie, Volume 20, Issue 2” (1927), p. 775