startte op

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • start·te op
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
opstarten

startte op

  1. enkelvoud verleden tijd van opstarten
    • Ik startte op. 
    • Jij startte op. 
    • Hij, zij, het startte op. 


Gangbaarheid