slachtofferen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • slacht·of·fe·ren
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

slachtofferen

stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
slachtofferen
slachtofferde
geslachtofferd
zwak -d volledig
  1. iets of iemand opofferen voor iets of iemand anders
     Het slachtofferen van Moisander heeft vermoedelijk te maken met het mogelijke vertrek van de Fin. Mocht Ajax nog een vergoeding voor hem willen ontvangen, dan moet Moisander in de winterstop worden verkocht. Zijn contract loopt namelijk af.[1]
     "In de derde set werd Igor vermoeid, dan denk je: dit is te vroeg. Dat was niet leuk om te zien", erkende Siemerink, die Sijsling niet direct wilde slachtofferen.[2]

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1.   Weblink bron “Ajax spoelt met jeugd de kater weg” (26-10-2014), NOS
  2.   Weblink bron “"Was niet leuk Igor zo te zien"” (12-09-2014), NOS