reformo

Latijn

Werkwoord

vervoeging van
refōrmāre

refōrmō

  1. actief indicatief praesens, eerste persoon enkelvoud van refōrmāre


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
reformar

reformo

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van reformar


Tsjechisch

Uitspraak
  • IPA: /rɛfɔrmɔ/
Woordafbreking
  • re·for·mo

Zelfstandig naamwoord

reformo

  1. vocatief enkelvoud van reforma