vierhonderdeenenzeventigje

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vier·hon·derd·een·en·ze·ven·tig·je

Zelfstandig naamwoord

vierhonderdeenenzeventigje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord vierhonderdeenenzeventig

Gangbaarheid