Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • re·e·le

Bijvoeglijk naamwoord

reële

  1. verbogen vorm van de stellende trap van reëel
     Ik zat niet op de Everest en ging ervan uit heelhuids weer thuis te komen, maar ik was me er wel van bewust dat ik dwars door de wildernis liep en dat er reële risico’s aanwezig waren.[1]

Gangbaarheid

85 % van de Nederlanders;
87 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers  
  2.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be