Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ka·men

Zelfstandig naamwoord

kamen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord kaam

Gangbaarheid

17 % van de Nederlanders;
15 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be