Tsjechisch

Uitspraak
  • IPA: /daɲiːm/
Woordafbreking
  • da·ním

Zelfstandig naamwoord

daním

  1. datief meervoud van daň

Werkwoord

daním

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd aantonende wijs van het imperfectieve werkwoord danit