coelacanth

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • coe·la·canth

Zelfstandig naamwoord

coelacanth

  1. verouderde spelling of vorm van coelacant tot 1955

Gangbaarheid

22 % van de Nederlanders;
26 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be