chemici

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • che·mi·ci

Zelfstandig naamwoord

chemici mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord chemicus

Gangbaarheid

93 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be