Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • boe·gen

Zelfstandig naamwoord

boegen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord boeg

Gangbaarheid

81 % van de Nederlanders;
73 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be