Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bleef

Werkwoord

vervoeging van
blijven

bleef

  1. enkelvoud verleden tijd van blijven
    • Ik bleef. 
    • Jij bleef. 
    • Hij, zij, het bleef. 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be