vierhonderdeenenvijftigje

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vier·hon·derd·een·en·vijf·tig·je

Zelfstandig naamwoord

vierhonderdeenenvijftigje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord vierhonderdeenenvijftig

Gangbaarheid