• IPA: /ɔkɔr̝ɛɲɪla/
  • oko·ře·ni·la

okořenila

  1. vrouwelijk derde persoon enkelvoud verleden tijd van het perfectieve werkwoord okořenit
  2. onzijdig derde persoon meervoud verleden tijd van het perfectieve werkwoord okořenit
  3. vrouwelijk enkelvoud actief deelwoord van het perfectieve werkwoord okořenit
  4. onzijdig meervoud actief deelwoord van het perfectieve werkwoord okořenit