negenhonderdeenentachtigje

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ne·gen·hon·derd·een·en·tach·tig·je

Zelfstandig naamwoord

negenhonderdeenentachtigje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord negenhonderdeenentachtig

Gangbaarheid