alimentar

Catalaans

stamtijd
tegenw.
tijd
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
alimento alimentava alimentat
1e vervoeging volledig

Werkwoord

alimentar

  1. voeden, eten geven
  2. voedingswaarde hebben
  3. voorzien van voeding (elektriciteit enz.)


Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • a·li·men·tar
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
alimentar
alimentaba
alimentado
volledig

Werkwoord

alimentar

Woordafbreking
  1. voeden (voedingswaarde hebben)
    «la lechuga alimemta poco»
    sla heeft weinig voedingswaarde
  1. voeden (te eten geven)