vlokken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vlok·ken
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

vlokken mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord vlok
  2. alleen meervoud (voeding) bepaald soort broodbeleg van chocolade
    • Op mijn boterham strooi ik vlokken. 
Hyperoniemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be